Bewaking en documentatie van de temperatuur in koelruimtes
Veel levensmiddelen of geneesmiddelen moeten koel binnen een bepaald temperatuurbereik worden opgeslagen. Dit kan in losse, gekoelde opslagruimtes gebeuren, maar ook in gespecialiseerde koelpakhuizen of koelhallen met stellingen. In al deze koelinrichtingen moet de temperatuur continu gedocumenteerd worden, aangezien er zowel in de levensmiddelen- als in de farmaceutische industrie strenge regels gelden voor het kwaliteitsmanagement.
Normaal gesproken worden er dataloggers op de zogenaamde Critical Control Points (CCP´s) van de koelruimte aangebracht om mogelijke temperatuurafwijkingen te identificeren en de nodige tegenmaatregelen te kunnen treffen. Kritische punten zijn bijvoorbeeld deuren of overgangen naar andere temperatuurzones binnen een pakhuis.
Bewaking en documentatie van de transporttemperatuur
Bij het transport van levensmiddelen en farmaceutische producten moeten meestal duidelijk vastgelegde temperatuurgrenswaarden worden nageleefd – en dat zonder enige onderbreking.
Verkeerde temperatuuromstandigheden tijdens het transport kunnen leiden tot grote kwaliteitsverliezen of zelfs volledig waardeverlies van de te bewaken producten.
Met behulp van een datalogger kunnen transporten gecontroleerd worden op het naleven van de voorgeschreven temperatuurzones. De gegevens kunnen na afloop via speciale software worden uitgelezen, geanalyseerd en gearchiveerd.
Temperatuurbewaking in vriesruimtes voor levensmiddelen
Er zijn diverse inrichtingen waarin (diep-)gevroren levensmiddelen moeten worden opgeslagen. Deze lopen van losse vriesruimtes bij kleine voedselproducenten (bijv. slagerijen), restaurants en supermarkten tot vriesruimtes in de levensmiddelenindustrie tot aan gespecialiseerde koelpakhuizen / diepvrieshallen met stellingen. In al deze inrichtingen moet de temperatuur continu worden bewaakt. Daarbij mogen in Europa uitsluitend instrumenten worden ingezet die volgens EN 12830 zijn goedgekeurd voor temperatuurregistratie.
In de regel gebruikt men dataloggers om de luchttemperatuur in zulke opslagruimtes te meten. Het meetinstrument wordt aangebracht in de vriesruimte – zo dicht mogelijk bij kritische punten zoals deuren of koelaggregaten – en registreert de temperatuurgegevens in een bepaald ritme (typisch: 15 minuten). Met behulp van speciale software kunnen de gemeten gegeven vervolgens worden geanalyseerd en gearchiveerd.